De stichting van de Bastide

Molières - La côte du cimetière

De beginjaren van de Bastide

Home » De geschiedenis van Molières » Fondation de la Bastide

De geschiedenis van Molières “in het kort”, geschreven in 1984 ter gelegenheid van de 700e verjaardag van de stichting van de Bastide, door Claire Veaux-Parvieux, leraar geschiedenis, master in het lokale leven aan het Instituut voor Politieke Wetenschappen van de Universiteit van Bordeaux, voorzitster van de vereniging “Les Amis de la Bastide de Molières” en gepassioneerd door de geschiedenis van ons dorp.

Haar onderzoek naar de geschiedenis van ons dorp is nog steeds gaande. Onlangs ontdekte nieuwe elementen stellen 1284 als stichtingsjaar van onze Bastide in vraag. Waarschijnlijk dateert de stichting van bijna 10 jaar eerder. De toekomst zal ons zeker nog veel leren over ons verleden…

Hieronder vind je de vertaling. Of je kan de originele, Franse, tekst raadplegen.

De stichting

Op Koningszondag in 1272 sloot Guillaume de Biron, heer van Monferrand, in eigen naam en in naam van zijn broers en zusters, een akkoord met prins Edward, vertegenwoordigd door Bertrand de Panissal. Willem stond aan de Engelse vorst de hoge, middelbare en lagere jurisdictie van de parochie Molières af.

In ruil schonk Eduard hem vier “ayriaux” (plaatsen) in de stad Molières, waarvan er twee bestemd waren voor ovens, vrij van alle rechten. Hij schonk hem tevens de gerechtigheid van Sigoniac (een gehucht in de parochie van Badefols). Dit is de eerste fase van onze nieuwe stad.

Molières - Maison du Bayle
Molières - Maison du Bayle

In 1282 kreeg de seneschalk van Aquitanië, Jean de Grailly, opdracht tot de bouw van een bastide met de naam “Bastida Sancti Johannis de Molerii”. De naam van de patroonheilige van de bestaande parochie werd gebruikt. De nieuwbouw vond echter plaats buiten het oude dorp, dat geleidelijk in verval raakte. De nieuwe stad werd op enkele tientallen meters afstand van het oude dorp gebouwd, in het zuiden om precies te zijn, op een kalksteenplaat die een zeer vlakke verhoging vormt tussen het bosplateau en de vochtige vallei.

Er was hier niet veel ruimte, maar de bescherming van de twee valleien in het westen en oosten lijkt deze keuze te begunstigen. Bovendien is het gebied omringd door bronnen die nooit zijn opgedroogd. Een andere reden zou de keuze van deze plaats kunnen rechtvaardigen: het is het kruispunt van twee wegen die voor de streek van groot belang zijn: de weg van Limeuil naar Beaumont, maar vooral de weg Belves – Pontours, die waarschijnlijk een oude Romeinse weg is die naar de doorwaadbare plaats van Pontours op de Dordogne leidt.

Molières - Place du Village
Molières - Place du Village

De vestiging van een goed georganiseerde stad leek noodzakelijk om de rust te herstellen in dit bosrijke gebied waar overvallen, aanvallen op pelgrims op weg naar Cadouin en zijn Heilige Lijkwade, en moorden werden gepleegd

De bouw

Van zodra het contract was ondertekend, werd het met trompetgeschal afgekondigd door de herauten van de landsheer, de hertog-koning van Aquitanië, en zijn seneschalk, Jean de Grailly. De grenzen van de nieuwe stad werden zo geometrisch mogelijk getrokken.

Een “pal” werd in het midden van wat het plein zou worden, geplant. Omroepers werden door de hele streek gestuurd om bekendheid te geven aan de voordelen van de nieuwe creatie en om kandidaten voor vestiging aan te trekken.

De nieuwe inwoners kregen

  • een binnen de stad gelegen te bebouwen perceel, de “ayralia” (of pleidura “platea” locarium) van 4 bij 10 aunes (8 bij 20 meter in Molières)*,
  • een “casalagia” (casal) tuin in de stad of vlak in de buurt
  • en wat verder weg één of meer percelen die voldoende waren om in hun levensonderhoud te voorzien (over het algemeen weiden en ploegbare grond), dit zijn de “arpents of pradals” (misschien is de plaats die Les Pradoux heet een overleving).

Het was mogelijk om te kopen en te verkopen om iemands persoonlijk vermogen te vergroten.

Zodra ze de eed hadden afgelegd, waren de nieuwe concessiehouders verplicht hun kavel binnen een vrij korte periode te bebouwen: 2 tot 3 jaar** .

De stenen voor de constructies werden uit de omgeving gehaald. Misschien zijn de plaatsen “Les Carrières” en “Les Peyrières” de oorsprong van de huizen van het nieuwe Molières.

De heer gaf de inwoners toestemming om hout uit de omliggende bossen te gebruiken voor de bouw, maar waarschijnlijk ook om de steenbakkerijen te bevoorraden waar de dakpannen, nodig voor de daken van de huizen en openbare gebouwen, gemaakt werden.

Het lijkt erop dat de nieuwe burgers de grenzen van dit akkoord hebben overschreden, want uit een transactie met de abdij van Cadouin uit 1292 blijkt dat de inwoners van Molières te veel bomen kapten en hun kuddes overmatig lieten grazen.

Sommige gronden werden leeg en onbebouwd gelaten zodat de armen ze konden gebruiken voor landbouw of beweiding: dit waren de “communaux”. In Molières zijn daar nog enkele voorbeelden van te vinden (de “Communal” bestond tot ongeveer twintig jaar geleden).

* Uit de waarneming van het kadaster blijkt dat deze primitieve indeling van de stad nog steeds bestaat, veel percelen hebben hun afmetingen behouden of zijn veelvouden.
** Het eerste jaar moesten de bewoners ten minste 1/3 van de voorgevel bouwen. Het laatste derde moest het tweede jaar klaar zijn, op straffe van boete.

Het bestuur

De Consuls

De bestuurwijze van deze nieuwe steden was baanbrekend.

Allen waren burgers of “communiers” of “bourgeois”, alle in de bastide gedomicilieerde gezinshoofden die de eed hadden afgelegd – edelen, geestelijken en de anderen – allen hadden dezelfde rechten en plichten binnen de gemeente.

Elk jaar, ter gelegenheid van het feest van de onthoofding van Sint Jan, kozen zij zes katholieke consuls (een soort gemeenteraadsleden) die een college vormden dat verantwoordelijk was voor gemeentelijke aangelegenheden. Ze moesten

  • de straten, bronnen en openbare plaatsen onderhouden
  • de hygiëne van de stad en haar veiligheid verzekeren en haar verdediging organiseren.
  • Ze konden verordeningen opstellen en erop toezien dat deze correct werden toegepast.
  • Ze inden de gemeentelijke belastingen.
Molières - Carreyrou
Molières - Carreyrou

Wanneer zich een netelig probleem voordeed, konden ze de algemene vergadering van de burgers bijeenroepen, die aldus door hun adviezen deelnamen aan de openbare zaken.

De consuls waren ook belast met de lagere justitie en de gemeentepolitie. Ze hadden enkel het recht om straffen op te leggen ter waarde van 60 sous tot 1 denier. De rechtbank van de consuls kwam eenmaal per week op een vaste dag bijeen, voorgezeten door één van de consuls Ze werd bijgestaan door juryleden en sergeanten, die met de uitvoering van de vonnissen waren belast.

De "Bayle"

De baljuw of “Bayle” combineerde de rollen van burgemeester, rechter en politiecommissaris. Hij werd onder het gezag geplaatst van de seneschalk van de Perigord, die op zijn beurt afhankelijk was van de seneschalk van Guyenne. De bayle was meestal een Gascon, benoemd door de seneschalk. Op plaatselijk niveau was hij de enige vertegenwoordiger van het Engelse bestuur.

De “Baylies” (de beheersfunctie van een bayle) ging meestal gepaard met een pachtcontract. De bayle inde, tegen betaling van een aan de Engelse kroon verschuldigde som, alle belastingen en inkomsten van de bastide. Zo vinden we sporen van de uitzonderlijke verpachting in 1284 van zes bastides, waaronder Molières, voor tien jaar aan Hendrik de Welsh (Wallois) tegen betaling van 170 pond sterling per jaar. Deze persoon was burgemeester van Bordeaux in 1274, vervolgens van Londen van 1281 tot 1284. Hij was een rijke koopman. Bertrand de Panissal werd bij een contract van 2 april 1288, dat op 9 juni 1289 door de koning werd bekrachtigd, belast met het beheer van de baylie van Molières. (Er is geen spoor meer van Hendrik de Welsh die intussen hogere opdrachten kreeg).

Château de Molières
Château de Molières
Château de Molières
Château de Molières

Na de oorlog van 1294 kreeg diezelfde Bertrand de Panissal, intussen geruïneerd, hulp van de koning die hem 50 pond van de inkomsten van Molières gaf (akte van 1 april 1304). We vinden hem bayle in 1303 en 1304 wanneer het gebied weer Engels wordt.

Het is begrijpelijk dat de functies van bayle begeerde posities waren omdat de inkomsten overeenkwamen met alle rechten die betaald werden door de inwoners van het gehele grondgebied dat onder de jurisdictie van de bastide viel.

We willen er ook op wijzen dat de stichter in de oorkonde afstand deed van alle rechten van het feodale stelsel. De inwoners van Molières waren geen militaire dienstplicht of “fouage” (belasting per huishouden) verschuldigd zoals in Beaumont.

Deze vernieuwingen bliezen een gevoel van vrijheid door de stad, maar de bewoners waren verre van vrijgesteld van alle lasten. De “cens” of “oublies” was een jaarlijkse grondrente van zes denarii per kavel die op de geboortedag van de Maagd werd betaald op huizen en grond. Daarnaast waren er persoonlijke retributies, belastingen op goederen die naar de markt werden gebracht, gerechtskosten, boetes, en de “acapte” of belasting die werd betaald wanneer de heer veranderde. Bovendien moest de koper voor elke verkoop van een concessie een bedrag betalen dat 1/12 van de totale prijs vertegenwoordigde (vergelijkbaar met onze huidige registratierechten). Inwoners die brood wilden verkopen of wat voor hun buurman wilden bakken, betaalden elk jaar vijf stuivers op de Geboortedag van de Maagd.

Château de Molières
Château de Molières

De vrijheden

De specificiteit van de bastiden ligt in hun handvest, verleend door de vorst. Het is een document op perkament, geschreven in het Latijn, ondertekend door de koning en voorzien van zijn zegel. Of ze nu Frans of Engels zijn, ze zijn allemaal volgens hetzelfde model geschreven. Het principe van de oorkonde is bekend sinds de 11e eeuw, toen sommige door koningen of abdijen werden verleend. Maar het was Alphonse de Poitiers, broer van Lodewijk IX, die ze de nauwgezetheid en de definitieve vorm gaf die bekend was aan het einde van de 13e eeuw.

Molières was geen uitzondering op de regel. Edward I gaf haar zijn handvest op 20 november 1286, toen de bastide al was gebouwd. Deze tekst is niet uitzonderlijk, hij is vergelijkbaar met die van andere bastiden. Het werd bevestigd door François I en Henri II in octrooibrieven van 1533 en 1551.

De gedurfdheid van deze documenten is een originaliteit van die tijd: het zijn echte gemeentelijke wetboeken die een terugkeer markeerden naar het geschreven recht van de Romeinen. Het feodalisme werd teruggedrongen. De burger die gebonden was aan de heer werd geleidelijk vervangen door de burger die behoorde tot een halfstedelijke, halflandelijke gemeenschap. De leden van deze gemeenschap waren verenigd door dezelfde plichten en rechten die in dit document werden omschreven. Deze officiële tekst was een waarborg voor vrijheden en voorrechten, maar bepaalde ook nauwkeurig de rechten en plichten van de nieuwe burgers.

De rechtspraak

Het is op het gebied van het strafrecht dat de meest significante vernieuwingen kunnen worden waargenomen. Behalve in extreme gevallen, de wet van vergelding, geërfd van onze Germaanse indringers, verdwijnen martelingen en verminkingen ten gunste van een systeem van boetes. Deze boetes worden in het handvest gespecificeerd:

  • Iemand slaan zonder bloedvergieten: 5 sols voor het slachtoffer.
  • Iemand slaan met bloedvergieten: 20 sols.
  • iemand beledigen: 2 1/2 sols aan de baljuw
  • de koninklijke banier breken: 20 sols aan de baljuw.
  • een voorwerp stelen: door de stad rennen met het voorwerp van het delict om de nek.
  • overdag een tuin binnengaan om de oogst binnen te halen: 2 sols 1/2 aan de consuls voor de behoeften van de stad.
  • een dier dat een tuin inloopt:  3 deniers te betalen door de eigenaar van het dier aan de consuls.

Blijven de ernstige misdrijven of misdrijven die op een bijzondere manier worden behandeld, zoals overspel. De autoriteiten van die tijd hadden een bijzondere manier om met dit eeuwenoude misdrijf om te gaan: mensen die door een gerucht of op klacht van hun echtgenoot van overspel werden beschuldigd, of op heterdaad werden betrapt, werden gestraft met een boete van 100 sols of werden gedwongen naakt door de stad te rennen (de keuze zal wel moeilijk zijn geweest voor de gierigaards).

Recidiverende dieven werden opgehangen, ja!, opgehangen! aan de galg “aux justices” aan de rand van de grote weg van Molières naar Cadouin. De moordenaars eindigen hun carrière levend begraven onder het lijk van hun slachtoffer.

Zoals overal werden ketters onderworpen aan de inquisitie.

Een bewogen begin

De bastide kreeg bij haar charter een grondgebied dat verschillende parochies omvatte. De jurisdictie van de koninklijke bayle strekte zich uit over deze parochies en onttrok ze aan de rechten van de naburige heren. Deze situatie leidde – hoe kan het ook anders – tot conflictueuze betrekkingen tussen de vertegenwoordigers van de bastide en die van de landsheren.

De bewoners van Molières leken erg ondernemend te zijn. Er ontstond al snel een conflict tussen de consuls van Molières en de prior van Saint Avit Senieur, die klaagde dat de bayle en de sergeants overlast veroorzaakten in zijn parochies, en dat agenten uit Molières beslagleggingen en executies uitvoerden ten nadele van de inwoners. Zij pleegden onrechtmatige daden en brachten ongeoorloofde vernieuwingen in het voorheen gevestigde regime. De koning van Engeland zag zich op 3 juli 1289 genoodzaakt tussenbeide te komen bij de consuls, bayle en sergeanten van Molières, die voor compensaties moesten zorgen. Een soortgelijke situatie deed zich voor tussen de agenten van de bastide en het klooster van Cadouin. In 1289 was de koning verplicht te bevelen dat de abten van Cadouin beschermd zouden worden tegen “beledigingen, geweld en molestatie” door de bevolking van Molières! Bovendien hebben de inwoners van Molières (alweer zij!) de bossen van Cadouin geplunderd (in 1287 en 1292).

Vitrail de l'église de Molières
Vitrail de l'église de Molières
Eglise de Molières
Eglise de Molières

Er ontstond een reeks conflicten tussen Gaston de Gontaud, heer van Badefols, en de consuls van de bastide, die elk hun gezag en jurisdictie op het grondgebied van de ander wilden uitoefenen. De strijd met deze heer schijnt levendig geweest te zijn, en we hebben sporen van drie transacties.

  • Op 23 mei 1284: conflict tussen Gaston de Gontaud en Jean de Grailly seneschakl van de Perigord en stichter van Molières.
  • In 1284 zijn het de consuls van Molières en Beaumont die de jurisdictie over de parochie Pontours betwisten.
  • Op 8 juli 1288 en 15 augustus 1316: tussen Gaston de Gontaud en de consuls.

Daarop werd een (in 1356 hernieuwde) overeenkomst gesloten om de gebieden die onder de jurisdictie van Molières en die van de heer van Badefols vielen, strikt af te bakenen. Ieder zal recht spreken in zijn eigen gebied! Zo vormde Badefols een enclave die min of meer overeenkomt met de huidige gemeente, met toevoeging van het gehucht “Leyride”. Pas na verloop van tijd hebben de bajles en consuls van Molières hun rechten uitgebreid.

Al deze conflicten zijn uitingen van de kinderziektes van onze bastide. Men kan denken dat Molières mettertijd gematigder werd, maar vooral dat de grillen van de geschiedenis betreffende het conflict tussen de Fransen en de Engelsen de inwoners eraan herinnerden dat er andere prioriteiten waren. In 1316 verenigde Edward II Molières, Beaumont, Lalinde en Villefranche definitief onder zijn kroon. Tengevolge van opeenvolgende oorlogen werd Molières in 1348 door Edward III aan Gaillard de Durfort afgestaan, nadien door de Fransen teruggenomen en in 1442 door Karel VII aan Pierre de Beaufort, heer van Limeuil, geschonken.

Molières - Eglise
Molières - Eglise

Onze bastide wordt volwassen en ons verhaal over haar geschiedenis houdt hier even op.

De geschiedenis van Molières

Entrée du château de Molières

Doorheen de eeuwen

Ons dorp vanaf de stichting van de Bastide tot op vandaag.

Molières - rue Notre Dame 1912

De nieuwe tijd

Op zoek naar sporen van de evolutie van het dorp van de 16e tot de 19e eeuw.

Molières - épicerie - station-service

De 20e eeuw

De recente geschiedenis, zoals die leeft in het geheugen van onze ouderen.

Vue à partis de la place de Molières

Molières vandaag

Vandaag is Molières een aangename en rustige plaats om te wonen.